Nieuws

Nadere kennismaking met de netbeheerders

Nadere kennismaking met de netbeheerders

6 Maart 2017 – De jubileumactiviteiten van het Klimaatverbond onder de noemer “Een oefening in aardgasloos denken” zijn mede mogelijk door extra financiële bijdragen van een 20-tal grotere lidgemeenten én door - voor het Klimaatverbond - nieuwe partijen.

We hebben het dan over de drie grote netbeheerders: Alliander, Stedin en Enexis Groep en over de twee gasbedrijven Gasunie en Gasterra. Wat is hun visie op de transitie naar een aardgasloze tijdperk?  Wat is hun rol in het proces erheen? En waarom ondersteunen ze het jubileum van het Klimaatverbond? Hieronder een nadere kennismaking met de netbeheerders.

Visie op de transitie naar een aardgasloostijdperk

Voor iedereen is deze transitie nieuw, iets dat nog nooit iemand gedaan heeft. Technisch is het nog het minst ingewikkeld. “Het nieuwe en grootste vraagstuk draait vooral om het betrekken van bewoners, want afhankelijk van de soort warmtevoorziening zullen woningen in minder of meer mate moeten worden aangepast”, zegt Pallas Agterberg van Alliander.  “Dat vergt nieuwe participatieprocessen, nieuwe vormen van lokale democratie, die in ieder geval voor ons als netbeheerders nieuw zijn. Het vergt ook nieuwe competenties van alle deelnemers aan het proces.”  Omdat er grote investeringen nodig zijn, naar schatting zo’n 150 miljard, én omdat dit proces ons allemaal als bewoners tot ín onze woningen gaat treffen, is het belangrijk om een zorgvuldig proces vorm te geven. Een zekere druk op de ketel om de transitie goed op gang te brengen is wel nodig. Dat in 2023 alle gemeenten wijkplannen moeten hebben, helpt daarbij.

“We moeten flink aan de bak”, vindt Joep Weerts van Stedin. “In nieuwbouwwijken moeten we niet zomaar meer gas aansluiten. Dat is pure kapitaalvernietiging. Daar hebben we kosteneffectieve alternatieven. Ook bij bestaande gasnetten moeten we kijken of vervanging wenselijk is en of er alternatieven zijn. Alle betrokken partijen hebben veel te leren op dit gebied. Het is van belang dat netbeheerders zo snel mogelijk af kunnen van de wettelijke gasaansluitplicht voor nieuwe woningen.”

Tekst: René Didde

Ook Dave de Lang van Enexis Groep vindt dat er met het aardgasloos maken van woningen een grote klap kan worden gemaakt. Hij gelooft daarbij vooral in de S-curve die transitieprocessen doormaken. Het hoeft niet in één keer, maar het proces moet wel nu van start. “Houd het eenvoudig”, raadt Dave de Lang aan. “Verwar de gebruiker niet met veel te veel oplossingen, maar biedt een paar alternatieven aan, nadat je hebt gekeken of een gebied optimaal is voor een collectieve of individuele oplossing. Vervolgens kan je dan in een paar wijken die alternatieven doorontwikkelen en testen. In deze fase zal een kleine groep geïnteresseerde woningeigenaren  willen investeren en hun woningen aanpassen. In de loop van de tijd zullen grotere groepen mensen met behulp van financiële prikkels en aansprekende voorbeelden verleid worden om mee te gaan doen. In de beginfase moeten we goed analyseren welke oplossing onder welke voorwaarden de beste is. Dan kunnen we in de toekomst steeds makkelijker en sneller opschalen. Zo kan de stijgende lijn van de s-curve wordt ingezet.”

Wat is de rol van de netbeheerders in de warmtetransitie?

Natuurlijk blijven netbeheerders verantwoordelijk voor betrouwbare elektriciteitsnetten, die daar waar voor  All Electric of hybride opties wordt gekozen, steeds belangrijker zullen zijn. Netbeheerders zijn een ketenpartner in de warmtetransitie. Pallas Agterberg benadrukt daarbij de specifieke kennis van  de warmtebehoefte op basis van bestaande data die netbeheerders in huis hebben. “Bovendien ontwikkelen we steeds meer kennis van de optimale oplossing per type huis en wijk. Daarmee kunnen netbeheerders een belangrijke input geven in het proces”, vindt zij. Netbeheerders zijn daarbij volgend op de keuze die bewoners en gemeenten maken.

Met de realisatie van een energieneutrale gebouwde omgeving is heel veel geld gemoeid. Het  is volgens Joep Weerts een gedeelde verantwoordelijkheid daarmee zorgvuldig om te gaan. “De huiseigenaar die uiteindelijk gaat over de keuzen en de investeringen in zijn huis, is in de lead. Het wijkplan is de verantwoording van de gemeente. Netbeheerders kunnen bij de keuzen die daarbij gemaakt moeten worden  hun technisch inhoudelijke kennis en ervaring inbrengen en de rechterhand zijn voor gemeenten, die zelf vaak kampen met capaciteitsproblemen.” 

Bovendien kunnen netbeheerders ook investeren in warmtenetten en zo alternatieven voor aardgas helpen realiseren. Dave de Lang: “Warmte kan niet overal ingezet worden, in ons gebied zullen mogelijk  kleine warmtenetjes in een vlekkenpatroon ontstaan. Wat ik zie is dat zolang er een distributienet  gekoppeld kan worden aan dichtbij liggende woningen, zo’n warmtenet  interessant kan zijn voor commerciële partijen. Wij kijken naar de grotere gebieden waar we een publieke taak zien. Dat is vooral het geval als er ook een transportnet nodig is om een langer traject van de warmtebron naar de woningen te overbruggen.”

Waarom samenwerking met het Klimaatverbond?

Alliander is officieel partner geworden van het Klimaatverbond. Wat is daarbij de achterliggende gedachte? Pallas Agterberg: “Ooit zijn er gemeentelijke energiebedrijven geweest waarin productie, beheer en levering geregeld waren. Inmiddels zijn we als netbeheerders steeds meer op afstand van gemeenten komen te staan.  De warmtetransitie maakt dat we  weer heel lokaal moeten werken. Het Klimaatverbond is typisch een organisatie waarmee we kunnen onderzoeken hoe dat moet.”

Joep Weerts, Stedin: “De energietransitie kan alleen maar door samenwerking gerealiseerd worden. In het transitieproces zullen we met elkaar moeten zoeken naar slimme en betaalbare oplossingen. Dit kan niemand alleen doen.” Ook Dave de Lang, Enexis benadrukt dat. “Daarom zijn samenwerkingsverbanden als het Klimaatverbond heel goed; je laat daarmee zien dat je elkaar nodig hebt, dat je samen kennis kan delen en kansen kan benutten. We zien het als onze maatschappelijke taak om activiteiten binnen de transitie zoals deze, mee te faciliteren.”

Lees ook:

Tekst: Marjo Kroese